Met mooie verhalen verkochten makelaars wel eens vaker woonboten aan de Schellingwouderdijk. Helaas, soms zonder bij de overdracht de vergunningverlening door de drie voornaamste overheden op het Buiten IJ te begeleiden. Zo is het een paar keer gebeurd dat pas na jaren bij de 3e overdracht duidelijk werd dat de eerste en tweede verkoop nooit waren doorgekomen bij het stadsdeel. Ook is kopers kennelijk niet altijd verteld dat Rijkswaterstaat eigenlijk helemaal geen behoefte heeft aan woonschepen aan de wachtsteigers.
Daarom voor alle duidelijkheid hier nog eens wat de positie is van de woonschepen aan de steigers in Schellingwoude. Het water van het Buiten IJ is van het Rijk, niet van de gemeente. De steigers zijn van Rijkswaterstaat (RWS) . Daarvoor betalen bewoners ligplaats huur aan het Rijksvastgoedbedrijf. Hiervoor heeft iedereen een dichtgetimmerd contract moeten tekenen. Daarin staat onder andere de bepaling dat RWS de overeenkomst met een opzegtermijn van zes maanden kan beëindigen. Ook kan er eens in de drie jaar wederzijds een herziening van de huur plaatsvinden. Een herziening van de huur is absoluut af te raden, want je raakt verzeild in een kostbare taxatieprocedure.
De steigers zijn in de jaren zestig aangelegd als wachtplaatsen voor de beroepsvaart In de zestiger en zeventiger jaren werden te klein geworden en daardoor niet meer exploitabele schepen ter plaatse verkocht. Die schepen bleven liggen en in gebruik genomen als woonschip. Tot laat in de negentiger jaren zonder nutsvoorzieningen: geen wateraansluiting en een elektriciteit aansluiting was door het stadsdeel verboden. Inschrijving op de woonboot werd geweigerd en was alleen met een truc mogelijk.
RWS heeft in het verleden enkele keren geprobeerd om de woonschepen op Schellingwoude weg te krijgen. Naar aanleiding daarvan hebben bootbewoners in 1985 aan B&W een brief ontfutseld waarin gesteld is dat de woonboten die op dat moment in Schellingwoude lagen daar wel gedoogd werden door de gemeente, maar nooit zouden worden toegelaten op gemeentelijk water.
Het landelijke beleid van RWS voor het hele land is om woonboten aan of langs de hoofdvaarwegen te verwijderen. Na 20 jaar is dat RWS op veel plekken gelukt, alleen niet op het Buiten IJ. Tot 2008 had RWS nog het voornemen de ruimte tussen steiger 3 en 4 vrij van woonschepen te maken voor 125 meter schepen.
Ook vanuit het stadsdeel Noord zijn er nog maar twintig jaar geleden ambtelijke ontmoedigingsacties gevoerd, waardoor een tiental bootbewoners zich destijds heeft laten wegpesten. Er is een poging geweest om aanlegovereenkomsten voor € 143.000 af te dwingen en alle woonboten op het Buiten IJ buiten het zicht tussen brug en tunnel op te bergen. Door stadsdeelgrenzen te verleggen werd daarvoor ooit een vijftigtal bewoonde woonboten illegaal verklaard. Het heeft zeven jaar permanente ruzie gekost om zulk wanbeleid te bestrijden.
RWS is verplicht de beroepsvaart van noodzakelijke wachtplaatsen te voorzien, onder meer nodig om bemanningen aan de maximaal toegestane vaartijden te laten voldoen. Dat de steigers in Schellingwoude behalve door de beroepsvaart ook door bootbewoners worden gebruikt, is wat RWS betreft weliswaar een gunst, maar ook een voldongen feit. Zodra iemand hier een woonboot koopt, hoort de makelaar de toekomstige bewoner van deze beperkingen op de hoogte te stellen.
Sinds 2009 is de positie dat voor alle woonboten op het Buiten IJ met een ontheffing van RWS en een huurcontract met RVB, een ligplaatsvergunning door het stadsdeel kan worden afgegeven. Voor nieuwere kopers kwam daar de laatste jaren apart nog een gemeentelijke omgevingsvergunning bij.